← Terug naar het blog

Wat zeg je (en wat liever niet) tegen iemand in rouw

Wanneer iemand in onze omgeving een dierbare verliest, weten velen van ons niet wat te zeggen. Uit angst om iets verkeerds te zeggen, zeggen we soms helemaal niets — en die stilte doet meer pijn dan welke onhandigheid ook.

Wat wél helpt

  • De overledene bij naam noemen. ‘Wat ga ik je vader missen’ troost meer dan een algemeen ‘gecondoleerd’.
  • Concrete hulp aanbieden. In plaats van ‘bel me als je iets nodig hebt’: ‘morgen breng ik eten langs’ of ‘ik haal de kinderen wel van school’.
  • Luisteren zonder te corrigeren. Huilt ze, laat haar huilen. Moet hij hetzelfde verhaal tien keer vertellen, luister dan tien keer.
  • Weken later nog eens vragen hoe het gaat. Rouw eindigt niet met de uitvaart; de eenzaamheid begint juist daarna.

Wat je beter vermijdt

  • ‘Ik weet precies hoe je je voelt.’ Elke rouw is anders; vragen is beter dan aannemen.
  • ‘Nu lijdt hij niet meer’, ‘ze is op een betere plek’. Dit kan sommigen troosten en anderen kwetsen; gebruik het alleen als je iemands overtuigingen kent.
  • ‘Je moet sterk zijn.’ Niemand moet iets. Huilen is geen zwakte.
  • ‘Gelukkig maar dat…’ Elke zin die zo begint, neemt iets weg in plaats van iets te geven.

Ook gebaren spreken

Een kort berichtje, bloemen, een kaars aansteken op de gedenkpagina, voor de deur staan met een pan soep… Echte steun blijkt uit aanwezigheid, niet uit toespraken. En ben je ver weg, dan vertelt een oprecht bericht op de online gedenkpagina dat hun dierbare ook voor anderen belangrijk was.

Een overlijdensbericht maken duurt maar een paar minuten en blijft voor altijd gepubliceerd. Een overlijdensbericht maken

Misschien helpt dit ook